dinsdag 5 november 2013

ACMAEA M.S. SHELL TANKERS B.V. (DEEL 1-B)

M.S. ACMAEA.

31 SEPTEMBER 1970 T/M 5 APRIL 1971.



Na het lossen te Kopenhagen kregen we ladingorders voor Petit Couronne aan de Seine in Frankrijk Deze lading was gedeeltelijk bestemd voor Malmö en Kopenhagen.
Ook de oevers van de Seine waren reeds wit door de sneeuwval.


( Het stadhuis van Petit Couronne.)


Ondanks de winterse kou weer te Malmö de stad ingegaan om wat Kerst inkopen te doen.


( Volle maan op zee.)

Na het lossen te Malmö naar Kopenhagen vertrokken om de rest van onze lading te lossen.


Ook in Kopenhagen weer de wal op geweest om ook daar wat inkopen te doen voor de naderende feestdagen. Zo het monument ontdekt voor Nielsen de poolreiziger.


( Een fraaie zonsondergang.)

DE MACHINEKAMER VAN HET SCHIP.

De indeling van de machinekamer van een motorschip is geheel anders dan die van een turbineschip.
Centraal in de machinekamer staat de hoofdmotor met daarom heen de generatoren en de andere hulpwerktuigen. In deze tijd werden de telegraaf orders vanaf de brug bij het manoeuvreren met de hand uitgevoerd vanaf het onderste motor bordes.


( De manoeuvreer plaats van de hoofdmotor.)


De Burmeister & Wain 64VTBF160 hoofdmotor had in de kop van de cilinder een uitlaatklep zitten. Deze kleppen werden bedient door klepstoters om ze te openen en de uitlaatgassen af te voeren naar de uitlaatgassen turbines die de nieuwe verbrandingslucht naar de cilinders persten.


( De hoge-druk brandstofpompen, voor iedere cilinder één, van de hoofdmotor.)


Koelers voor het koelwater en de smeerolie van de hoofdmotor. Al de kleuren van de leidingen hadden een betekenis. Zo was donkergroen de kleur voor het verse koelwater van buitenboord en het licht blauw de kleur van het weer overboord gaande gebruikte koelwater van de koelers. Licht geel de kleur voor het gedestilleerde water vanuit de verdampers voor de ketelinstallatie en drinkwater. Donker geel was voor het interne koelwater waarmee de motor werd gekoeld. Licht bruin voor de smeerolie en donker bruin voor de stookolie. Al de geïsoleerde stoomleidingen waren wit geschilderd. Overige leidingen waar hete stoffen door heen gingen zoals stookolie waren in het zilver geschilderd. Brandblus leidingen in het rood.


Aan iedere zijde van de hoofdmotor stond een dieselgenerator voor de stroom levering aan de gehele scheepsinstallatie.

Met aan bakboordzijde op een verhoogd bordes het hoofdschakelbord voor de stroomverdeling van de generatoren, die bij aankomst in een haven of in een druk vaarwater parallel draaiden.


Voor noodgevallen was en een stoom gedreven generator aanwezig welke ook vanaf het hoofdschakelbord op het scheepsnet geschakeld kon worden. 


In het volledig van de hoofdmachinekamer gescheiden ketelruim stonden de twee Babcock & Wilcox waterpijpketels voor de stoomproductie, wanneer de uitlaatgassen ketel dit niet kon leveren.
Zoals in een haven voor het aandrijven van de stoomturbines van de ladingpompen.


De turbines voor het aandrijven van de verticaal opgestelde ladingpompen in lading pompkamer. De assen voor de aandrijving gingen door een gasdichte afdichting van de machinekamer naar de pompkamer.


Geheel achter in het schip in een volledig waterdicht afsluitbare ruimte was de stuurmachine installatie van het schip opgesteld. Aan deze hydraulisch aangedreven installatie was ook nog een noodstuur mogelijk aan gekoppeld als er geen stroom levering meer was voor de elektromotoren van de hydraulische pompen.


Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen