vrijdag 9 augustus 2013

ARCA S.S. SHELL TANKERS B.V. (DEEL-1A)

M.S. ACMAEA - S.S. ARCA.


( m.s. Acmaea. tonnage: 19.195 brt. Bouwjaar: 1959. Werf: P.Smit. jr. Rotterdam.)

Met het m.s.Acmaea maakte ik van Amsterdam de oversteek naar Curaçao om aldaar over te stappen aan boord van het s.s.Arca. Het m.s. Acmea had een onderhoud dokbeurt onder gaan bij de N.D.S.M. werf 
Samen met nog twee collega's werktuigkundigen maakten we als extra personeel deze oversteek.
We vertrokken uit Amsterdam op 10 mei 1967 en we stapten te Curaçao op 22 mei van boord.  


( Het vertrek uit Amsterdam met de vaart over het IJ.)


( De bouw van voor die tijd een enorm groot schip, het m.s. Neverita op de werf van de N.D.S.M.)


Daar het s.s. Arca nog niet was aangekomen te Curaçao verbleef ik enige dagen in het Avila Beach Hotel en genoot van de zon en het strand.

S.S. ARCA.

25 MEI 1967 t/m 15 OKTOBER 1967


( s.s. Arca. Tonnage: 19.458 brt. Bouwjaar: 1959. Werf: Rotterdamse Droogdok Maatschappij.)

Het s.s. Arca was een van de nieuwe (moderne) A-klasse tankers van Shell Tankers b.v. Het was een 'witte'-tanker. Dit hield in, dat het schip alleen kant en klaar producten van de raffinaderij vervoerde. In dit geval lichte producten zoals benzine.

Op 25 mei 1967 stapte ik aan boord van de Arca en na geladen te hebben bij de raffinaderij in het Schottegat te Curaçao ging de reis via het Panama Kanaal naar Anchorage in Alaska. 


( Boegwater gedurende de vaart in de Caribische Zee.)


( Het binnen varen van het sluizencomplex van het Panama Kanaal bij Cristobal-Balbao aan de kant van de Caribische Zee. 29 mei 1967)


( Het uitzicht vanaf het achterdek over de drie sluizen voor de vaart door het kanaal.)


Op 13 juni 1967 naderden we Anchorage in Alaska om daar de lading Avtur (vliegtuig benzine te gaan lossen.) Een kust met besneeuwde bergtoppen en gletsjers. 


Na het lossen van de lading vertrokken we op 14 juni 197 weer uit Anchorage om terug te varen, via het Panama Kanaal, naar Curaçao. 


( Het 'Suikerbrood' met op de achtergrond de berg met het 'Christusbeeld' bij de binnen vaart van de haven baai van Rio de Janeiro.)

Te Curaçao werd geladen voor vijf verschillende havens in Brazilië. We begonnen met lossen in de meest zuidelijk gelegen haven aan de Braziliaanse kust Santos en vervolgden onze reis langs de kust via Rio de Janeiro, Recife, Fortaleza en als laatste haven Belem in de monding van de Rio do Para rivier.  


(Het wereld beroemde strand van Rio de Janeiro; Copacabana  met daar achter de berg met het Christusbeeld.)


Te Fortaleza was het genieten van het prachtig witte strand en de aankomst van de vissers met hun zeilprauwen en hun vers gevangen vis.
Te Belem werd het meren een avontuur. Hier moesten we onze laatste deel van de lading lossen. Er lag namelijk zoveel rivier slib voor het los steiger dat we zelfs niet met behulp van twee sleepboten konden aanmeren. Zo werd besloten het ballastwater wat we reeds hadden ingepompt voor de diepgang van het schip grotendeels weer uit te pompen. Na zelf enige trossen te hebben uitgebracht naar het steiger werd met behulp van eigen scheepslieren en de twee sleepboten  getracht om tegen het steiger aan te komen. Het resultaat was nog een opening van enige meters. Hier werd dan een drijvende bak tussen gesleept die het gewicht van de los slangen moest dragen tijdens het lossen van de lading.
Ook het loskomen uit de rivier slip koste na het lossen enige moeite. Pas eenmaal in dieper water werd de ballast weer in het schip gepompt en konden we onze terug reis naar Curaçao beginnen.

Geen opmerkingen:

Een reactie posten