maandag 26 november 2012

SUNETTA M.S. AGROUND. ( DEEL 5/1)


M.S.SUNETTA.


28 MAART 1993 T/M 21 AUGUSTUS 1993.


Na geladen te hebben te Fujairah hadden we een voorspoedige reis naar Mombasa in Kenya. De dag voor aankomst ( 24 juni 1993) kampten we met een zware zeegang.

Het volgende verslag is voorzien van eigen afbeeldingen, kopiën van diverse formulieren en telex berichten en rapporten van de bergings maatschappij Smit-Tak.


In de vroege ochtend van (25 juni 1993) kregen we voor de kust van Mombasa de loods aan boord die het schip de haven in zou loodsen.
Ik werd deze ochtend wakker van het hevig trillen van het schip en het geluid van het keer op keer starten van de hoofdmotor en het voor- en achteruit draaien. Me zelf aangekleed en buiten op dek een kijkje gaan nemen wat er gaande was.
Wat ik vermoede werd bevestigd toen ik op de scheepsbrug kwam. Het m.s.Sunetta was aan de grond gelopen in de vaargeul naar de haven van Mombasa. Mijn camera die altijd stand-by lag uit mijn hut gehaald.


( Kopie uit het scheepsjournaal.)


( Kopie uiut het scheepsjournaal.)

Ik hoorde, dat de stuurman van de wacht de loods er op attend had gemaakt dat één van de boeien die de vaarroute afbakenen ontbrak Volgens de loods "No problem", maar het bleek grote gevolgen te hebben. Het schip werd aan de grond gezet.   


( Kopie van de zeekaart met de positie van het schip toen het aan de grond liep.)


De havensleepboten die het schip begeleiden trachten hun sleeptrossen uit te brengen wat een vertoning werd van zeer slechte vakmanschap van hun kapiteins en de opvarenden.


Nadat een van de sleepboten eindelijk kans had gezien een sleeptros uit te brengen voer deze een deuk in de bakboord scheepshuid ter hoogte van de werkplaats in de machinekamer.



Een tweede sleepboot die te hulp schoot voer over de reeds uitgebrachte sleeptros heen en kreeg deze in zijn schroef. Sleeptrossen dreven doellos rond de sleepboten op het water.


( Het werd een zeer treiste vertoning.) 


Stuurloos dreef de sleepboot met de sleeptros in zijn schroef af en ook het roer bleek ontzet te zijn.
Al de pogingen om het schip vlot te trekken liepen op niets uit. Zo verliet tot ieders verbazing de loods zonder meer het schip.

Intussen was er groot alarm aan boord gegeven. Er werd een poging gedaan door lading te laten overlopen naar andere ladingtanks om het schip vlot te krijgen maar dat mocht ook niet helpen. Intussen werden al de dubbele bodems in de machinekamer gepeild of er geen lekkage naar binnen was en ook de ladingpompkamer werd gecontroleerd.
Zo ver we konden nagaan verloor het schip alsnog geen lading naar buitenboord en konden we er van uitgaan dat de bodem niet was lekgeslagen. Ook de scheepshuid waar de sleepboot tegen aan had gezeten bleek nog in orde te zijn op een stevige deuk na. 





In de middag werd de positie van het onderwater liggende gedeelte van het schip geinspecteerd door een duikersteam van Divecon Ltd.


( Het begin van dagelijks telegrammen verkeer tussen schip, kantoor en de rest van de vloot.)

Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen