vrijdag 26 maart 2010

'OUD' IN DE NIEUWBOUW.

Het was dat ik in de trein aan de goede kant zat, zodat mijn oog viel op een nieuwbouw bij het station van Zaandam. Een hoog gebouw met allemaal oude geveltjes uit de Zaanstreek aan de buitenkant.
Zonder meer apart en gedurfd.

BRUGGETJES EN WEERSPIEGELING. (16)



Waar water is zijn bruggetjes en als het dan windstil is heb je vaak mooie weerspiegelingen in het water.

KORENMOLEN 'DE BLEEKE DOOD'. (15)



'De Bleeke Dood' is een van de twee overgebleven korenmolens in de Zaanstreek. De molen, een achtkante bovenkruier, staat net voor de brug over de Zaan aan de weg naar de Zaanse Schans.
De molen in Zaandijk is tevens de oudste nog bestaande houten stellingmolen van Nederland. De moelen werd in 1656 gebouwd en was tot 1931 op windkracht in bedrijf.
In 1922 werd de molen bijna verwoest door een zware brand. In 1931 werd het wiekenhuis verwijderd en werd er op motorkracht gemalen. Zo verdween enige jaren later ook het staartwerk en de stelling. In 1955 werd de Vereniging De Zaanse Molen eigenaar van wat er nog over was en herstelde het geheel weer, zodat de molen weer op windkracht kon malen. Na een restauratie in 2000 is de molen weer geheel bedrijfswaardig en wordt er elke vrijdag meel gemalen dat beneden in de winkel wordt verkocht. De molenaar is tevens molenmaker en woont onder in de molen in de woning die zich deels in de molen en deels in een aanbouw bevindt.
Op het naambord van de molen staat de volgende tekst: IK BEN HET EINDE VAN HET LEVEN, EEN IEDER ZIJ TOT MIJ BEREID, DOOR VOLOP ARBEID HIER TE GEVEN, WEET DAT IK WERK TE ALLEN TIJD.

OLIEMOLEN 'DE OOIEVAAR'. (14)

Bij het verlaten van de Zaanse Schans ligt er net voor de brug over de Zaan, aan de overkant van de provincialeweg, vlaknaast een modern fabriekscomplex, de oliemolen 'De Ooievaar'.
Deze molen is in 1622 gebouwd en kwam in 1806 in het bezit van Teewis Duyvis.
De molen staat op het huidige fabrieksterrein van het bekende nootjes merk Duyvis.
Het is wel een contrast deze twee zo verschillende vormen van industrie naast elkaar te zien.
De molen is niet voor het publiek toegangkelijk en is nog volledig in werking.

GEVELTJES & SNIJRAMEN aan de ZAANSE SCHANS (13).

ZAANSE ZWAAN. (12)



Deze fraaie knobbelzwaan besteede veel zorg aan haar uiterlijk en leverde een paar mooie plaatjes op.

Vereninging De Zaansche Molen. (11)



Van de bijna 1000 windmolens, die de Zaanstreek tot het oudste industriegebied ter wereld maakten, waren er rond 1920 non maar een kleine vijftig over.
Om deze voor het nageslacht te bewaren werd op 17 maart 1925 Vereniging de Zaansche Molen opgericht, die nu een tiental industriemolens bezit, in optimale staat houdt en regelmatig draaien. Daarnaast stichtte de Vereniging in 1928 een uniek, zeer bezienswaardig Molenmuseum, waarin u alles over de werking en geschiedenis van industriemolens aan de weet kunt komen. Zie ook op internet: www.zaansemolen.nl

donderdag 25 maart 2010

ZAANSCHE SCHANS. (10)



Achter de houtzaagmolen 'Het Jonge Schaap' staat de oliemolen 'De Os'. Momenteel is het alleen het pakhuis en de molenromp met binnenwerk. Veel verder op de Kalverringdijk staan nog twee molens: de Wiphoutzaagmolen 'Het Klaverblad' en de oliemolen 'De Bonte Hein'.

woensdag 24 maart 2010

VAN DIK HOUT ZAAGT MEN - - - (9)



Van dik hout zaagt men planken.
Het Jonge schaap is een bovenkruier-houtzaagmolen: alleen de kap wort in de wind gezet door middel van het kruirad, dat onderaan de schoren is bevestigd en men kan bedienen op de omloop onder het achtkant van de molenromp.
De belangrijkste en meest in het oog springende onderdellen van een houtzaagmolen zijn de op en neer bewegende zaagramen, die balken of boomstammen verzagen tot planken. Deze molen is uitgerust met drie van degelijke imposante zaagramen. De dikte van de planken wordt beplaald door de ruimte tussen de verstelbare zaagbladen.

Hijswerk.
Behalve de zaagramen worden nog diverse anderen onderdelen via de wind aangedreven. Een ingenieuze constructie is de winderij (2e afbeelding). het lijkt een beetje op een cirkelzaag en heet in de molentaal een krabbelrad.


Dit krabbelrad wordt gebruikt om de winderij aan te drijven en daarmee de balken van de grond of uit het water te hijsen. Bij het krabbelrad om de balken op te hijsen, wordt de rad tekens, stukje voor stukje, rondgedraaid waarbij het hijstouw om de rol wordt opgewonden en de balk omhoog wordt getakeld.
Ook de zaagsleden worden bij elke op en neer gaande beweging van de zaagramen door het krabbelrad steeds een stukje opgeschoven.

Krukwiel.
Hoog in de molen zetten tandwielen de windkracht om in bruikbare energie voor het aandrijven van de zaagramen. Het grote bovenwiel brengt, via de koningspil, de beweging over op het krukwiel. Dit wiel drijft op zijn beurt de krukas aan waarmee de zaagramen op en neer worden bewogen.
Bemanning en produktie.
Op het hoogtepunt van de industriële molennijverheid hebben er meer dan 200 houtzaagmolens in de Zaanstraak gestaan. Bij gunstige omstandigheden en hard doorwerken konden zo'n twintig stammen per dag worden verzaagd. Het personeel bestond meestal uit 5 man, die vaak van s'morgens vroeg tot sávonds laat op de molen bivakkeerden.
Buiten de molenaar bestaat de huidige bezetting uit vrijwilligers. Kosten voor onderhoud van de molen worden gedekt door het zagen van hout en de verkoop ervan.

maandag 22 maart 2010

HOUTZAAGMOLEN 'HET JONGE SCHAAP' (8)



Deze bovenkruiende houtzaagmolen aan de Klaverringdijk is de laatste nieuwe aanwinst van de Vereniging de Zaansche Molen. Deze molen uit het toenmalige Westzijderveld werd in 1942 gesloopt. Aan de hand van tekeningen van de molenkenner A.Sipman, en met behulp van moderne computertechnieken kon de herbouw worden herstart.
Van 24 september 2005 tot 27 september 2007 heeft men er aan gewerkt.
Ook deze molen werkt volgens het principe van de uitvinder Cornelis Corneliszoon.
Houtzaagmolens zijn erin twee typen. Zo produceerde de wagenschotmeker het zogenoemde wagenschot of wegenschot, een fijn soort eikenhout dat werd gebruikt voor wand- en scheepsbetimmeringen. Elke balkenzager daarintegen hield zich alleen bezig met het zagen van balken en planken, het grovere zaagwerk

OLIEMOLEN 'DE ZOEKER'. (6)



De geschiedenis van deze molen gaat terug naar het jaar 1676 toen deze molen zijn windbrief verkreeg. De oliemolen, gebouwd in Zaandijk, raakte door de opkomst van de stoomfabrieken uit de gratie. In 1891 werd de molen er niet mooier op: het binnenwerk verdween en de molen werd ingericht als verfmolen. In februari 1925 werd de molen zwaar beschadigd door een windhoos en dankzij vrijwillige bijdrage opgeknapt. In 1940 raakte de molen buiten bedrijf. In 1950 kwam de molen in handen van de gemeente Zaandijk. Op 1 augustus 1968 werd de molen op spectaculaire wijze overgebracht van het Guisveld te Zaandijk naar zijn huidige plaats op de Zaanse Schans. Bij deze operatie werd het molenlijf met een grote kraan over de bedrading van de spoorweg getild. Na de overplaatsing werd 'De zoeker'overgedragen aan de Vereniging de Zaansche Molen. De molen is weer geheel in werking als oliemolen.

Werking van oliemolen 'De Zoeker'.(7)

In de oliemolens springen direct de kolosale molemstenen in het oog, met een gewicht van 2500 kilo per steen, die onverstoorbaar hun rondjes draaien en het oliehoudende zaad of noten pletten onder hun gewicht. Omdat de stenen op hun kant staan worden ze logischerwijs kantstenen genoemd. De twwe kantstenen, samen een gewicht van 5000 kg. zijn bevestigd in een raamwerk dat wordt aangedreven door het molenmechaniek. De kantstenen draaien rond op een vlakke steen, de 'legger' , die op het 'doodsbed' rust. Omdat de stenen legger snel sleet, werd in latere jaren wel een plaat gietijzer gebruikt.

Van tijd tot tijd schept de molenaar een nieuwe hoeveelheid maalgoed op de legger. Om te voorkomen dat het maalgoed door de kantstenen van de legger wordt gedrukt en op de grond valt, draaien er z.g. 'strijkers'mee die de geplette massa onder de stenen houdt. De kantstenen zijn aan de zijkanten meestal beschilderd in kleuren blauw en wit. Dit is bedoeld als veiligheidsmaatregel, zodat men ook 's nachts in de schaars verlichte molen in één oogopslag kon zien dat de stenen in beweging waren.




Is het zaad of de noten eenmaal tot meel vermalen onder de kantstenen dan wordt het verwarmd. Dit gebeurd op een stenenfornuis, dat vuister wordt genoemd en gestookt wordt met hout, turf of briketten.

Op de ijzerenplaat van de vuister wordt het gemalen zaad al roerend verwarmd. De molenaar gebruikte de vuister ook om de koffie warm te houden of een maaltijd op te warmen.








OLIESLAAN.
Het opgewarmde zaad wordt vervolgens in twee wollen zakken, de zogenoemde 'bullen', geschoven. De bullen worden in de staplade geplaatst en verstevigd met een soort jas van paardenhaar en leer, daar ze behoorlijke klappen krijgen te verduren in het blok. Zo wordt de laatste olie er uit geperst.
Het onophoudelijk heien zorgde voor veel lawaai in de molen en ook daar buiten.












Als de olie uit het zaad is geperst, blijft er in de buul een stevige 'koek' over. Om niets verloren te laten gaan, worden deze koeken uit de buul gehaald, door de stampers tot meel gemaakt, nogmaals verwarmd en weer in de buul gestopt voor een extra behandeling in het blok.
Het is een intensief arbeids karwei, maar het arbeidsloon van het molenvolk was vroeger laag en maakte de extra behandeling, de zogenoemde naslag, lonend.
Van wat er overbleef werden koeken gesneden en verkocht als veevoer. Alles werd als het even kon, gebruikt. Niet werd weg gegooid.

VERFMOLEN 'DE KAT'. (5)



Van deze molen alleen wat buitenopnamen, daar er een groot gezelschap binnen aanwezig was.
Verfmolen 'De Kat' verrees tussen 1646 en 1696 aan de Klaverdijk op de Zaanse Schans. In 1782 werd de molen verwoest door brand, maar niet lang daarna weer opgebouwd. In 1960 plaatste men de boven-achtkant van de verfmolen 'De Duinjager'op de oude schuren van 'De Kat'. 'De Duinjager' moest wegens uitbreidingsplannen in Zaandam van zijn oorspronkelijke plaats verdwijnen.
In 'De Kat', nu een rijksmonument, wordt kalk vermaald tot een zeer fijn poeder, wat grondstof is tot pigmenten voor ambachtelijke produktie van verf.

zondag 21 maart 2010

'DE GEKROONDE POELENBURG' (5)

HOUTZAAGMOLEN 'DE GEKROONDE POELENBURG'. (4)


Het was Cornelis Corneliszoon die het 'kreck-werk', een soort krukas uitvond, waardoor de ronddraaiende beweging van de wieken omgezet werd in een op- en neergaande beweging van de zaagramen en/of de oliestampers. Deze uitvinding was het begin van de Zaanse molenindusrie, waardoor er meer dan duizend windmolens zouden verrijzen in het Zaanse landschap. Het eerste 'groene' industrie gebied van Europa.

De houtzaagmolen 'De Gekroonde Poelenburg' is een paltrokmolen. Het meeste hout wat rond de 16e eeuw werd ingevoerd naar Noord-Holland, als ruwe boomstammen, was afkomstig uit het Rijnland in Duitsland. Toen Cornelis zijn eerste molen ontwierp, had deze de vorm van een paltrok. De verklaring ligt in de mannelijke kleding uit het Duitse Pfals uit die tijd. Mannen droegen er jassen die van boven smal waren en beneden breed uitliepen 'Pfalz-rokken'. Maar ook in de 14e eeuw kende men in Frankrijk zo'n kledingstuk genaamd 'paltoc'.

'De Gekroonde Poelenburg' werd te Koog gebouwd als "De Locomotief'. In 1904 werd hij verplaatst naar het Zaandamse Oostzijderveld en kreeg zijn huidige naam. In de jaren zestig volgde de verplaatsing naar de Klaverringdijk. Er wordt nog steeds hout gezaagd met deze molen.



MOSTERDMOLEN 'DE HUISMAN' ZAANSE SCHANS. (3)


De mosterdmolen 'De Huisman' is normaal niet van binnen te bezichtigen en nu viel er aan de buitenkant ook weinig te zien, daar men druk bezig is met de restauratie van het geheel.
De bovenkruier ontdaan van de wieken staat op zijn blokken naast het pakhuis.




















Op het fraaie naambord van molen 'De Huisman' staat een iets vreemde tekst geschreven, die wel enige verklaring nodig heeft. Deze tekst zegt alles over het onstaan van de huidige molen.
Het huidige molen is samengesteld uit het pakhuis 'De Haan' en twee verschillende molens.
Het pakhuis 'De Haan' stond reeds aan de Kalverringdijk. In 1955 plaatste men daar bovenop de achtkant, de kap en de wieken van de oude mosterdmolen 'De Huisman', die elders moest worden afgebroken en dateerde uit 1786. Enige jaren later volgeden de werktuigen, die ooit hadden toebehoord aan de kleine specerijenmolen 'Het Indisch Welvaren'. Sinds 1961 wordt in de 'De Huisman'de bekende grove Zaanse mosterd geproduceerd.

HUISJES VAN DE ZAANSE SCHANS. (2)



Zodra je de brug overbent stap je terug in de geschiedenis zodra je het eerste straatje inloopt. Het zijn replica's van eens bestaande woningen die hier zijn samengebracht. Het bekendste is wel die van de eerste winkel van Nederlands bekendste grutwinkelier Albert Heijn. Opvallend was, dat al de gevels en ook de overige woningen allemaal keurig in de verf waren gezet.

PANORAMA ZAANSCHE SCHANS. (1)


Waarom ook niet, dacht ik, toen ik toch in de buurt was van de Zaansche Schans en zodoende een rustig bezoek gebracht aan dit fraaie gebied. Het was gelukkig niet druk met buitenlandse bezoekers, dus was het heerlijk ongestoord fotograferen en twee molens bezichtigen, die trouwens allemaal volop in bedrijf waren. Ondanks de grijze lucht een mooie panorama opname gemaakt, vanaf de brug over de Zaan.
(klik met de linkermuisknop op de opname om deze vergroot te bekijken)